Rekenen
In Python kun je de computer als rekenmachine gebruiken.
Rekenoperatoren
| Operator | Betekenis | Voorbeeld | Resultaat |
|---|---|---|---|
+ | Optellen | 5 + 3 | 8 |
- | Aftrekken | 10 - 4 | 6 |
* | Vermenigvuldigen | 3 * 7 | 21 |
/ | Delen | 10 / 3 | 3.333... |
// | Geheel delen | 10 // 3 | 3 |
% | Rest (modulo) | 10 % 3 | 1 |
** | Macht | 2 ** 3 | 8 |
print(5 + 3) # 8
print(10 - 4) # 6
print(3 * 7) # 21
print(10 / 3) # 3.333...
print(10 // 3) # 3
print(10 % 3) # 1
print(2 ** 3) # 8
Rekenvolgorde
Net als bij wiskunde gaat vermenigvuldigen en delen vóór optellen en aftrekken. Gebruik haakjes om de volgorde te bepalen:
print(2 + 3 * 4) # 14 (niet 20!)
print((2 + 3) * 4) # 20
Rekenen met variabelen
prijs = 12.50
aantal = 4
totaal = prijs * aantal
print("Totaal:", totaal) # 50.0
Oefening 1
Bereken het gemiddelde van drie cijfers.
cijfer1 = 7
cijfer2 = 8
cijfer3 = 6
gemiddelde = ...
print("Het gemiddelde is:", gemiddelde)💡 Tip
Het gemiddelde is de som gedeeld door het aantal. Gebruik haakjes: (a + b + c) / 3.
✅ Oplossing
cijfer1 = 7
cijfer2 = 8
cijfer3 = 6
gemiddelde = (cijfer1 + cijfer2 + cijfer3) / 3
print("Het gemiddelde is:", gemiddelde)
Oefening 2
Reken 135 minuten om naar uren en resterende minuten. Gebruik // en %.
totaal_minuten = 135 uren = ... minuten = ... print(totaal_minuten, "minuten =", uren, "uur en", minuten, "minuten")
💡 Tip
// geeft het hele aantal uren (135 // 60 = 2). % geeft de rest (135 % 60 = 15).
✅ Oplossing
totaal_minuten = 135
uren = totaal_minuten // 60
minuten = totaal_minuten % 60
print(totaal_minuten, "minuten =", uren, "uur en", minuten, "minuten")
Oefening 3
Een winkel heeft een aanbieding: 3 broodjes voor €5. Normaal kost een broodje €2. Bereken de totaalprijs voor 7 broodjes (zo goedkoop mogelijk).
aantal = 7
prijs_per_stuk = 2
aanbieding_prijs = 5
# Hoeveel sets van 3 kun je kopen?
sets = ...
# Hoeveel losse broodjes blijven er over?
los = ...
totaal = ...
print(f"{aantal} broodjes kosten: €{totaal}")💡 Tip
Gebruik // om te berekenen hoeveel sets van 3 je kunt kopen, en % voor het aantal losse broodjes. De totaalprijs is sets * 5 + los * 2.
✅ Oplossing
aantal = 7
prijs_per_stuk = 2
aanbieding_prijs = 5
sets = aantal // 3
los = aantal % 3
totaal = sets * aanbieding_prijs + los * prijs_per_stuk
print(f"{aantal} broodjes kosten: €{totaal}")