4b String-methoden
Je kunt nu variabelen netjes in tekst verweven. In deze les leer je hoe je die tekst ook kunt veranderen: in hoofdletters zetten, een woord vervangen, of het aantal letters tellen.
Methoden aanroepen met een punt
Een methode is een functie die bij een waarde hoort. Je roept hem aan met een punt achter de variabele:
tekst = "hallo wereld"
print(tekst.upper()) # HALLO WERELD
print(tekst.lower()) # hallo wereld
print(tekst.capitalize()) # Hallo wereld
print(tekst.replace("wereld", "python")) # hallo python
Daarnaast is er len() voor de lengte van een string. Die werkt zonder punt — je geeft de string als argument mee:
tekst = "hallo wereld"
print(len(tekst)) # 11 (inclusief de spatie)
Deze methoden veranderen tekst niet. Wil je het resultaat bewaren? Sla het op in een variabele:
naam = naam.upper()
Opdracht 4b.1: Hoofdletters
Maak een variabele met het woord "hallo" en print het in hoofdletters.
# Schrijf hier je code
Klik hier voor een tip.
Roep .upper() aan op de variabele.
Klik hier voor de oplossing.
woord = "hallo"
print(woord.upper())
woord = "hallo" print(woord.upper())
Opdracht 4b.2: Naam-info
Toon informatie over een naam: in hoofdletters, in kleine letters, en de lengte.
Verwachte uitvoer (bij naam = "alex"):
ALEX
alex
4 letters
# Schrijf hier je code
Klik hier voor een tip.
.upper(), .lower() en len(). Voor de laatste regel gebruik je een f-string: f"{len(naam)} letters".
Klik hier voor de oplossing.
naam = "alex"
print(naam.upper())
print(naam.lower())
print(f"{len(naam)} letters")
naam = "alex"
print(naam.upper())
print(naam.lower())
print(f"{len(naam)} letters")Opdracht 4b.3: Gepersonaliseerde uitnodiging
Bouw een uitnodiging die de naam van de gast in hoofdletters weergeeft.
Verwachte uitvoer (bij naam = "alex", evenement = "Eindfeest", datum = "20 juni"):
=== Uitnodiging voor ALEX ===
Je bent uitgenodigd voor: Eindfeest
Datum: 20 juni
We hopen je te zien!
# Schrijf hier je code
Klik hier voor een tip.
Voor de naam: {naam.upper()} binnen de f-string. Voor de andere variabelen gewoon {evenement} en {datum}.
Klik hier voor de oplossing.
naam = "alex"
evenement = "Eindfeest"
datum = "20 juni"
print(f"=== Uitnodiging voor {naam.upper()} ===")
print(f"Je bent uitgenodigd voor: {evenement}")
print(f"Datum: {datum}")
print()
print("We hopen je te zien!")
naam = "alex"
evenement = "Eindfeest"
datum = "20 juni"
print(f"=== Uitnodiging voor {naam.upper()} ===")
print(f"Je bent uitgenodigd voor: {evenement}")
print(f"Datum: {datum}")
print()
print("We hopen je te zien!")